LUMO studie

Het doel van dit onderzoek is het beantwoorden van de volgende vraag: leidt de toevoeging van progesteron aan een MOH-IUI behandeling (milde eierstok stimulatie & inseminatie van bewerkt zaad) tot een hogere kans op zwangerschap?

In Nederland blijft bij bijna 1 op de 6 paren een spontane zwangerschap uit. De ziektelast van een onvervulde kinderwens is hoog en brengt aanzienlijke maatschappelijke kosten met zich mee. Jaarlijks starten ongeveer 9500 paren met onverklaarde verminderde vruchtbaarheid met een IUI behandeling met hormoonstimulatie (MOH-IUI), bij deze behandeling wordt de cyclus van de vrouw met lage doseringen hormonen gestimuleerd en bewerkte zaadcellen worden vlak voor de eisprong ingebracht in de baarmoeder (inseminatie). De medicijnen met hormonen beïnvloeden de natuurlijke hormoonspiegels, waardoor er na de eisprong mogelijk een tekort aan progesteron ontstaat. Voldoende progesteron is van belang voor de conditie van het baarmoederslijmvlies en beïnvloedt daarmee de kans op zwangerschap.

De LUMO-studie onderzoekt of de toevoeging van progesteron aan de IUI behandeling met hormoonstimulatie leidt tot een hogere kans op zwangerschap. De helft van de deelneemsters gebruikt capsules met progesteron (Utrogestan) en de andere helft gebruikt een nepmedicijn (placebo) waaraan geen werkzame stof is toegevoegd. De verwachting is dat, door het gebruik van progesteron, de kans op zwangerschap na een behandelperiode van 6 maanden 39% i.p.v. 30% bedraagt. Ook zullen er veel kosten bespaard kunnen worden, doordat er minder stellen na een onsuccesvolle IUI behandeling met hormoonstimulatie doorstromen naar dure IVF/ICSI behandelingen.

Sluit de enquête