Vitamines voor een baby met borstvoeding
Een baby die borstvoeding krijgt, heeft extra vitamine K en D nodig.
Alle zuigelingen (>1500 gram) dienen direct na de geboorte 1 milligram vitamine K per os te krijgen (eventueel een andere toedieningswijze of dosering (p/o arts) is ook mogelijk).
Zuigelingen die geheel of grotendeels (meer dan de helft aan moedermelk per dag) met moedermelk worden gevoed, dienen vanaf de achtste levensdag dagelijks een onderhoudsdosis van 150 μg vitamine K per os te krijgen. Deze profylaxe wordt tot en met de derde levensmaand voortgezet, tenzij de borstvoeding al eerder door volledige zuigelingenvoeding wordt vervangen (voor de klinische situatie, zie ook het ziekenhuis-protocol (als bijlage toegevoegd)). Vanaf de achtste dag is aanvulling met vitamine D nodig (door het opraken van de prenataal aangelegde reserves van vitamine D bij borst-gevoede zuigelingen om rachitis (Engelse ziekte) te voorkomen).
Voorlichting of advies
- Moedermelk bevat nauwelijks vitamine D.
- De hoeveelheid vitamine A is voldoende, wanneer borstvoeding wordt gegeven. Extra suppletie van vitamine A kan overwogen worden in zeer specifieke gevallen. Dit zal bepaald worden door de arts.
- Kinderen geboren na een zwangerschapsduur < 32 weken en/of een geboortegewicht van minder dan 1500gr. krijgen in de klinische situatie een fortifier (BMF) toegevoegd aan de borstvoeding.
| Vitamine K | Vanaf de 8e dag gedurende de eerste 3 maanden 150 μg vitamine K per dag. Volg de voorschriften op de verpakking. |
Vitamine D voor de baby | Bij borstvoeding Vóór de leeftijd van 4 maanden gaat de voorkeur uit naar vitamine D op oliebasis. |
Vitamine D voor de moeder | Bij borstvoeding zie richtlijn 32 |