Afbouwen van borstvoeding

Afbouwen van borstvoeding vindt bij voorkeur geleidelijk plaats, op het moment dat het kind daaraan toe is en/ of de moeder het graag wil.

Wil de moeder eerder stoppen, dan wordt in plaats van borstvoeding kunstvoeding gegeven. Afbouwen van de borstvoeding wordt ook wel spenen genoemd.

Voorlichting of advies
  • Probeer de tijd te nemen om de borstvoeding af te bouwen
  • Afhankelijk van de hoeveelheid voeding kan als richtlijn gelden één borstvoeding per twee tot drie dagen minderen. Dit schema niet te strak hanteren
  • Laat steeds die voeding vervallen waarbij, volgens de moeder, de baby het minst drinkt
  • De borstvoeding zo evenwichtig mogelijk verdelen over het etmaal
  • Bij (erge) stuwing: minder snel afbouwen
  • Wanneer men de borstvoeding gedeeltelijk wil afbouwen (bijvoorbeeld in verband met werk buitenshuis) dan liefst de avond- en de ochtendvoeding in stand houden voor de (voldoende) melkproductie
  • Attendeer de moeder erop dat bij gedeeltelijk afbouwen de borstvoeding sterk kan teruglopen.
Afbouwschema

Stoppen met borstvoeding kan op verschillende manieren. De keuze die men maakt heeft te maken met de persoonlijke omstandigheden en voorkeur van de moeder. Ook kan de reactie van de baby een rol spelen. Enkele mogelijkheden zijn:

  • Hierbij geeft het kind het aan. Bij de oudere peuter zijn afspraken mogelijk. Het is een prettige manier, er is altijd een rustpunt bij de hand. De lichamelijke voordelen van borstvoeding voor moeder en kind blijven bestaan. Een zieke baby of peuter die eten weigert, verdraagt vaak wel borstvoeding. Soms ontmoet de moeder onbegrip of kritiek als zij langdurig borstvoeding geeft.

  • Hierbij wordt die voeding afgebouwd die het gemakkelijkste gemist kan worden, zowel voor de moeder als voor het kind, bijvoorbeeld de voeding met de minste productie (de late ochtend en de vroege avond voeding). Voor het afbouwen van een voeding wordt globaal genomen twee tot drie dagen gerekend. De voedingen worden dan om en om afgebouwd. Bij problemen kan het tempo worden vertraagd. Toelichting moet gegeven worden over de ochtend/nachtvoeding. 

    NB. De moeder moet alert zijn op eventuele harde plekken in de borst. 

  • Dit is een praktische oplossing voor sommige situaties. De moeder bepaalt zelf wanneer ze wil voeden. Er wordt niet te snel afgebouwd om problemen te voorkomen. Niet alle baby’s zullen dit accepteren.

  • Dit is voor moeder en kind niet prettig. Het kan problemen geven bij de moeder (borstontsteking) en bij het kind (voedingsstoornissen, spanning). Vaak is een alternatief te vinden als het abrupt stoppen op medische indicatie nodig is. Lactatiekundige hulp is noodzakelijk als het werkelijk nodig is om zo snel te stoppen.

Bij afbouwen is het belangrijk dat de moeder zich laat leiden door wat haar borsten aankunnen. Bij niet te gespannen borsten, het moment van legen uitstellen. Zo nodig alleen de spanning er afhalen. Vaak loopt de spanning sneller op (vooral in de ochtend). Als de spanning te veel wordt, de baby laten drinken of kolven. Verder voldoende drinken, rustig aandoen en bij signalen van dreigende borstontsteking de borsten helemaal legen en bedrust houden. De meeste moeders bouwen op deze manier binnen twee tot drie weken volledig af.

Sluit de enquête