Rooming-in

In verband met de moeder- kind binding en het tijdig signaleren van voedingssignalen is het wenselijk dat moeder en kind dag en nacht in elkaars nabijheid zijn.

Rooming-in geeft de moeder de beste mogelijkheid goed in te spelen op het gedrag van de baby. Door de baby in de nabijheid leert de moeder haar baby kennen en krijgt ze de kans te reageren op zijn behoefte aan lichaamscontact en voeding. Het samenzijn heeft ook een hormonale invloed op de moeder. Het bevordert de hechting tussen moeder en kind. Dit is van belang voor het op gang brengen van de borstvoeding en het stimuleren van voeden op verzoek. Ook kan de moeder alerter reageren op een slaperige baby, bij geelzucht e.d.

Voorlichting of advies

Plaats de wieg of het bedje op de kamer van de moeder. De moeder mag met de baby in één bed slapen tenzij:

  • De moeder medicijnen gebruikt die van invloed zijn op haar alertheid (suf- of slaperigheid veroorzaken)
  • De moeder een intraveneuze toedieningslijn heeft
  • De moeder een neus-, of maagsonde heeft
  • De moeder een geïnfecteerde wond heeft
  • Er onvoldoende ruimte in het bed is
  • Vader en/ of moeder overmatig alcohol gebruiken
  • Vader en/of moeder roken
  • Het bed een waterbed is.

Zorgverleners dienen ouders te informeren over de voor- en nadelen van samen slapen. Er wordt onderscheid gemaakt tussen twee vormen van samen slapen, te weten:

  • Rooming-in: Baby en ouder(s) slapen op dezelfde kamer
  • Bedding-in: Baby en ouder(s) slapen in hetzelfde bed
  • Rooming-in en Bedding in hebben mogelijk een positief effect op de borstvoedingsduur. Bedding-in bij kinderen jonger dan 4 maanden (jonger dan 6 maanden bij rokende ouders) geeft een verhogende kans op zuigelingensterfte, doordat de slaapomstandigheden vaak onveilig zijn en wordt daarom afgeraden.
Sluit de enquête