Bloedonderzoek
De vrouw wordt gevraagd bloed te laten prikken. Hierin wordt bekeken of u vroeger Chlamydia hebt doorgemaakt. Deze infectie zou kunnen leiden tot verklevingen en vergroeingen waardoor een zwangerschap minder makkelijk tot stand kan komen.
Het kan zijn dat de arts ook ander bloedonderzoek wil verrichten. Dit is afhankelijk van uw specifieke situatie. Wanneer dit het geval is, zal de arts dit met u bespreken.
Hysterosalpingogram (HSG)
Wanneer uit het bloed blijkt dat u inderdaad chlamydia heeft doorgemaakt, kan de arts besluiten om een baarmoederfoto te maken. Dit kan de arts ook doen wanneer door een andere oorzaak uw risico op één of beide afgesloten eileiders verhoogd is. Met de baarmoederfoto kan de arts zien of de eileiders open zijn.
Tijdens dit onderzoek mag u niet zwanger zijn en ook niet menstrueren. Dit betekent dat het onderzoek gedaan moet worden ná het einde van de menstruatie, maar voor de eisprong, of dat u anticonceptie moet gebruiken. Dit onderzoek vindt plaats op de röntgenafdeling en duurt een half uur. Om het infectiegevaar zo klein mogelijk te houden, krijgt u antibiotica voor de ingreep en worden schede en baarmoederhals ontsmet met jodium voordat het onderzoek begint. Via schede en baarmoederhals wordt in de baarmoeder een kleine hoeveelheid röntgencontrastvloeistof gespoten. Dit kan krampen veroorzaken die lijken op menstruatiekrampen. Door de contrastvloeistof is de baarmoederholte en de binnenkant van de eileiders zichtbaar op de foto. U kunt dit volgen via een televisiescherm. De kans op een spontane zwangerschap is na dit onderzoek iets verhoogd.
FOAM-echo
Doel van het onderzoek
Een FOAM-echo wordt gemaakt om te beoordelen of de eileiders doorgankelijk zijn. Tijdens het onderzoek wordt met behulp van schuim gekeken of dit via de baarmoeder door de eileiders kan stromen naar de buikholte. Zo kan de arts beoordelen of er minimaal 1 eileider open is.Het onderzoek wordt meestal uitgevoerd in het kader van een vruchtbaarheidsonderzoek.
Een afspraak maken voor een FOAM-echo
Het onderzoek wordt verricht op de polikliniek Voortplantingsgeneeskunde. De arts vraagt u om op de eerste dag van uw volgende menstruatie het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde te bellen. Als die dag in het weekend is mag u maandag ochtend bellen. De doktersassistente maakt dan de afspraak voor de FOAM-echo voor u.
Voorbereiding
Voor een FOAM-echo gelden de volgende voorbereidingen:
- Het onderzoek wordt gedaan nadat de menstruatie is gestopt en vóór de eisprong
- U mag niet zwanger zijn tijdens het onderzoek
- Gebruik daarom betrouwbare anticonceptie (bijvoorbeeld condooms) vanaf de eerste dag van de menstruatie tot het onderzoek
- Meld het direct als er een kans is op zwangerschap
Het onderzoek
Tijdens het onderzoek wordt een klein beetje schuim in de baarmoeder gebracht. Dit schuim volgt vanzelf de weg van de minste weerstand: via de eileiders naar de buikholte. Met een vaginale echo wordt in beeld gebracht of het schuim daadwerkelijk door de eileiders stroomt. Zo kan de arts zien of er minimaal 1 eileider open is.
Zo verloopt het onderzoek:
- Je ligt op een onderzoeksstoel, vergelijkbaar met een inwendig gynaecologisch onderzoek
- De arts brengt een speculum (spreider) in de vagina om de baarmoedermond zichtbaar te maken
- Via een dun slangetje (katheter) wordt schuim in de baarmoeder gespoten
- Het speculum wordt verwijderd en er wordt een vaginale echo gemaakt om te volgen waar het schuim naartoe stroomt.
Het onderzoek duurt ongeveer 10 minuten in totaal. Na het onderzoek mag u naar huis.
Complicaties en/of bijwerkingen
Soms kun je wat krampen of lichte spotting (bloederige afscheiding) ervaren, dit is normaal en gaat snel over.
Pijnstilling
Heeft u last van buikpijn op de dag van de foam echo of de dag erna? Dan mag u 3 keer per dag 2 tabletten van 500 mg paracetamol nemen.
Bij spoed zoals hevig bloedverlies dat niet stopt, koorts, hevige buikpijn belt u met het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde en kies 1 voor spoed. Buiten kantooruren wordt u automatisch doorgeschakeld met de verloskamers.